Deventer in de Hanzeperiode

 

Deventer was, als Hanzestad aan de IJssel, in de late Middeleeuwen een belangrijk knooppunt van Handelsroutes. Per schip, te voet of te paard was de Stad makkelijk bereikbaar en Deventer fungeerde als Belangrijke schakel tussen Westfalen en Holland

 

Deventer Hanzestad, jaarmarktstad

Kooplieden uit Noorwegen, Miden-Duitsland, Vlaanderen en Het Oostzeegebied troffen elkaar onder de toren van Lebuïnus. Daarom werden er steeds meer jaarmarkten gehouden in de stad, Zoals de grote Sint Maartensmarkt, die drie weken duurde. Daar kochten kooplieden boter, kaas, haring en laken. De Hanzesteden Deventer, Kampen en Zwolle brachten Samen een leger op de been, dat de burcht Van de roofridder, bij Zwolle, met de grond gelijk maakte.

 

Toverdrank tegen iedere kwaal Voor het pand van de Zevende Hemel stond tijdens Iedere jaarmarkt steevast de huifkar van Dokter Jøsten; de ‘magische genezer. De reizende geneesheer Stelde zijn kar op tegenover de herberg om zijn waren Aan de man te brengen. Hij verkocht magische elixers, Toverdrankjes, waarmee alle kwalen terstond zouden Genezen. Van heinde en verre kwamen zijn klanten Toegestroomd, want iedereen wist dat de toverdrank Ook echt genas! En meer dan dat, want na een paar Slokken voelde men zich beter, opgewekter en energieker. Maar wat was het geheim van de Dokter Jøstens ge-heime toverdrank? Heel eenvoudig. Niemand zag hoe de Goede dokter in de herberg de Zevende Hemel zijn flesjes ‘toverdrank’ stiekum gewoon vulde aan de bar van deze Uitspanning. U kunt het zelf uitproberen!